ECLI:NL:PHR:1961:1
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Eigendomsoverdracht en levering constitutum possessorium bij bouwmaterialen met eigendomsvoorbehoud
In deze zaak ging het om de eigendom van bouwmaterialen, specifiek deuren, geleverd door N.V. Picus aan de aannemer N.V. [A], die in opdracht van de gemeente Smallingerland een bouwwerk uitvoerde. Nadat N.V. [A] in financiële problemen kwam en failliet ging, ontstond discussie over de eigendom van de nog niet geplaatste deuren op het bouwterrein. Picus beriep zich op een geldig eigendomsvoorbehoud, terwijl Smallingerland stelde dat door het aanvoeren en goedkeuren van de materialen op haar terrein de eigendom aan haar was overgegaan.
De Hoge Raad bevestigde dat de levering van de materialen aan Smallingerland slechts via een constitutum possessorium had plaatsgevonden, waarbij juridisch bezit werd overgedragen maar het houderschap bij de aannemer bleef. De rechtbank verwierp de stelling dat de aannemer als vertegenwoordiger van de gemeente kon worden gezien, en dat diens kwade trouw aan de gemeente toegerekend kon worden. Ook werd geoordeeld dat het eigendomsvoorbehoud van Picus niet door de levering werd opgeheven.
De Hoge Raad verwierp de cassatiemiddelen van Smallingerland, ondanks erkenning dat de levering constitutum possessorium in sommige gevallen tot eigendomsoverdracht kan leiden. De belangen van Picus als derde met eigendomsvoorbehoud bleven beschermd. De uitspraak bevestigt dat een eigendomsvoorbehoud niet kan worden genegeerd door een levering via constitutum possessorium, ook niet wanneer de materialen zich op het terrein van de opdrachtgever bevinden en door deze zijn goedgekeurd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Smallingerland wordt verworpen; het eigendomsvoorbehoud van Picus blijft geldig en levering constitutum possessorium vond plaats.