Conclusie
subonderdelen "1a t/m 1e en 2abevatten geen klachten, doch uitsluitend stellingen van feitelijke aard die echter, naar de vrouw terecht opmerkt (pleitnotities. p. 2 sub 3), niet alle als vaststaand kunnen worden aangenomen. Zie voor de vaststaande feiten de verwijzingen door het Hof in rov. 3 resp. rov. 5.3 naar rov. 2 van het vonnis van 19-3-1980 resp. rov. 11 van het vonnis van 13-10-1982.
subonderdeel 1fwordt 's Hofs oordeel dat sprake was van een handeling om niet, rechtens onjuist althans onbegrijpelijk genoemd, aangezien de man tegenover de toescheiding aan hem van de eigendom van de woning niet alleen de vrouw heeft gevrijwaard voor elke aanspraak terzake van de hypothecaire schuld, maar bovendien alle kosten van de verzorging en de opvoeding van de kinderen op zich heeft genomen.
Subonderdeel 2abevat, zoals reeds vermeld, geen klacht; het geeft slechts aan dat het is gericht tegen rov. 5.9, waaruit een gedeelte wordt geciteerd.
Subonderdeel 2choudt, als ik goed zie, in dat het Hof geen belang heeft gehecht aan hetgeen de ouders aangaande de kinderalimentatie zijn overeengekomen.