ECLI:NL:PHR:1986:AB9405
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Geen verschoningsrecht voor belastingadviseur inzake inbeslaggenomen dossiers
In deze zaak werd het beroep van klagers verworpen die stelden dat belastingadviseurs verschoningsrecht toekomt op grond van art. 98 Sv Pro. De rechtbank had het klaagschrift tot teruggave van inbeslaggenomen dossiers afgewezen, waarna cassatie werd ingesteld.
De Hoge Raad overwoog dat het verschoningsrecht een uitzondering is op de algemene verplichting tot getuigenis en slechts geldt voor een beperkte groep beroepsbeoefenaren die uit hoofde van hun functie tot geheimhouding zijn verplicht en waarbij het maatschappelijk belang van vertrouwelijkheid zwaarder weegt dan het belang van waarheidsvinding in rechte. Advocaten en notarissen vallen onder deze groep vanwege hun rol als rechtshulpverleners.
Belastingadviseurs behoren niet tot deze beperkte groep, mede omdat het beroep niet beschermd is, er geen wettelijke toelatingseis of eed bestaat, en zij geen publiekrechtelijke tuchtrechtspraak kennen. Het belang van een behoorlijke strafrechtspleging weegt zwaarder dan het belang van vertrouwelijkheid bij belastingadviseurs. De Hoge Raad verwierp daarom het beroep en bevestigde dat het beslag op de dossiers rechtmatig is.
Uitkomst: Belastingadviseurs hebben geen verschoningsrecht; beslag op dossiers is rechtmatig.