Conclusie
beklag op grond van artikel 552a Sv in beginsel ontvankelijk is zolang de vervolging, waaronder mede begrepen is een s.f.o. en een ontnemingsprocedure nog loopt(mijn cursivering, vD). De uiterste termijn daarbij is gelegd bij drie maanden nadat de vervolging der zaak tot een einde is gekomen’’.
eerste middelbetreft kwesties die door de rechtbank zijn besproken in een separate beschikking waarbij het verzoek van requirant tot beëindiging van het strafrechtelijk financieel onderzoek ex art. 126e lid 2 Sv is afgewezen (verder: beschikking A). Tegen een dergelijke beschikking staat geen rechtsmiddel open.
tweede middelraakt de gang van zaken bij de behandeling van het onderhavige klaagschrift. Gesteld wordt dat de rechtbank ten onrechte heeft verzuimd (andere) belanghebbenden te informeren omtrent het door verzoeker ingediende klaagschrift.
niet de teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp aan de beslagene mag gelastenzonder dat die belanghebbenden — bij bekend adres — in de gelegenheid zijn gesteld om te worden gehoord en om desgewenst zelf een klaagschrift in te dienen. Dit voorbehoud kwam overigens nog niet voor in HR NJ 1994, 476 waarin de Hoge Raad ambtshalve viel over de niet-oproeping van de beslagene, hoewel het verzoek om teruggave van de derde-belanghebbende was afgewezen.