Conclusie
eerste onderdeelvan het middel gegrond is.
tweede onderdeelis gegrond omdat uit het feit dat tegen een voorgenomen vervreemding ex art. 117 Sv Pro geen beklag kan worden gedaan, voortvloeit dat het OM aan de belanghebbenden geen mededeling behoeft te doen van dat voornemen. [12] Een niet in de wet vastgelegde rechtsplicht als door de rechtbank is aangenomen, heeft in elk geval geen redelijke zin en moet derhalve geacht worden niet te bestaan. Vanzelfsprekend geldt wel de informatieplicht van art. 552ca Sv wanneer (voor of na de vervreemding) op de voet van art. 552a Sv beklag wordt gedaan over de inbeslagneming en/of het achterwege blijven van een last tot teruggave van de inbeslaggenomen voorwerpen.
derde onderdeelbetreft niet het oordeel van de rechtbank inzake de goudkleurige aansteker doch wel het oordeel dat de personenauto, motorboten en motorjacht in het licht van het bepaalde in art. 10 van Pro het Besluit inbeslaggenomen voorwerpen