ECLI:NL:PHR:2000:AA4431
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geldigheid derdenbeding en nakoming vrijwaringsverplichting in aandeelhoudersovereenkomst
In deze zaak heeft Redland Bouwprodukten B.V. in 1991 aandelen in Koninklijke Mosa B.V. verkocht aan de Franse vennootschap France Alfa. In de Share Purchase Agreement had Redland zich verplicht om Mosa te vrijwaren voor bepaalde risico's verbonden aan eerder verkochte activiteiten. Mosa werd regelmatig aangesproken op verstrekte garanties.
France Alfa vorderde op grond van deze vrijwaringsclausule betaling aan Mosa. De rechtbank wees de vordering deels toe en het hof bekrachtigde dit oordeel. Beide instanties oordeelden dat sprake was van een derdenbeding, waarbij Redland zich jegens France Alfa had verbonden om Mosa te vrijwaren en Mosa het beding had aanvaard.
Redland stelde cassatieberoep in met meerdere middelen, waaronder dat France Alfa geen belang had bij betaling aan Mosa omdat Mosa geen partij was en geen executiemaatregelen kon treffen. De Hoge Raad verwierp dit en bevestigde dat de bedinger nakoming van het derdenbeding jegens de derde kan vorderen, ook onder het oude recht. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de overeenkomst terecht had uitgelegd en dat het cassatieberoep faalde.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Redland wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.