ECLI:NL:PHR:2000:AA4771
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt beschikking voorlopige machtiging psychiatrische opname wegens onvoldoende motivering bereidheid betrokkene
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam die op 11 november 1999 een voorlopige machtiging tot voortduren van opname in een psychiatrisch ziekenhuis heeft verleend. De rechtbank oordeelde dat betrokkene door een stoornis van de geestvermogens gevaar veroorzaakte en onvoldoende bereid was tot vrijwillige opname.
Betrokkene had echter verklaard bereid te zijn tot vrijwillige behandeling op een open afdeling, wat ook door zijn raadsman en behandelend arts werd bevestigd, hoewel de arts twijfelde aan de duurzaamheid van deze bereidheid. De rechtbank volstond in haar beschikking met een standaardmotivering en nam de mondelinge toelichting niet op in de beschikking.
De Hoge Raad oordeelt dat bij een gemotiveerd verweer zoals hier, de rechtbank niet met een standaardmotivering mag volstaan zonder in de beschikking zelf te motiveren waarom het verweer wordt verworpen. De motiveringsklacht is gegrond, de beschikking wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank Amsterdam voor een nieuwe beslissing met voldoende motivering.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking wegens onvoldoende motivering en verwijst de zaak terug naar de rechtbank Amsterdam.