ECLI:NL:PHR:2000:AA5950
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewijslastverdeling en opschortingsrecht bij levering energie
In deze zaak vordert eiser schadevergoeding en terugbetaling van een bedrag wegens wanprestatie en onverschuldigde betaling door Eneco, nadat de levering van gas en energie was gestaakt vanwege een vermeende gevaarlijke gasmeter in de woning van eiser.
De kantonrechter oordeelde dat de bewijslast bij eiser ligt om aan te tonen dat de gevaarlijke gasmeter al aanwezig was bij aanvang van de huurovereenkomst. Tevens werd geoordeeld dat Eneco gerechtigd was de levering op te schorten op grond van haar algemene voorwaarden en het belang van derden bij een veilige energievoorziening.
Eiser stelde dat de bewijslast onterecht bij hem werd gelegd en dat Eneco geen opschortingsrecht had zolang niet aan de wettelijke vereisten was voldaan. De Hoge Raad verwierp deze klachten omdat art. 100 RO Pro het klagen over schending van het recht bij kantonrechterlijke tussenvonnissen beperkt en de bewijslastverdeling conform art. 177 Rv Pro juist was toegepast. Ook werd bevestigd dat het opschortingsrecht van Eneco op grond van haar algemene voorwaarden en de omstandigheden terecht was toegekend.
Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de uitspraken van de kantonrechter in stand bleven.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en de uitspraken van de kantonrechter worden bekrachtigd.