ECLI:NL:PHR:2000:AA6344
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep op ontbindende voorwaarden bij koop camping wegens niet tijdige bouwvergunning en bodemverontreiniging
In deze zaak gaat het om een geschil tussen kopers en verkopers over de nakoming van een koopovereenkomst van een camping met opstallen. De kopers beroepen zich op ontbindende voorwaarden in de koopovereenkomst, namelijk het niet verkrijgen van een bouwvergunning voor uitbreiding en de aanwezigheid van bodemverontreiniging. De rechtbank stelde vast dat de kopers geen bouwvergunning hadden verkregen en ook niet hadden aangevraagd vóór de gestelde termijn, en wees het beroep op bodemverontreiniging af.
Het hof vernietigde de eerdere vonnissen en oordeelde dat het beroep van de kopers op de ontbindende voorwaarden niet gegrond was, omdat zij zich niet voldoende hadden ingespannen om de vergunning te verkrijgen en het beroep op de bodemverontreiniging niet was geappelleerd. Bovendien was het beroep op de bouwvergunning in strijd met de redelijkheid en billijkheid, omdat de kopers de ontbindende voorwaarde voor een andere reden aanvoerden dan waarvoor deze was bedoeld.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof en wijst het cassatieberoep af. Het hof heeft terecht geoordeeld dat het beroep op de ontbindende voorwaarden onredelijk was en dat de kopers zich niet op deze voorwaarden konden beroepen. De Hoge Raad benadrukt dat de maatstaf van redelijkheid en billijkheid (art. 6:2 BW Pro) prevaleert bij de beoordeling van het beroep op ontbindende voorwaarden en dat het hof voldoende motivering heeft gegeven voor zijn oordeel.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de kopers wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.