ECLI:NL:PHR:2000:AA7481
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over gezag van gewijsde en onrechtmatig profiteren van wanprestatie bij voorkeursrecht koop pand
De zaak betreft een geschil over een voorkeursrecht bij de verkoop van een winkelpand aan Nedgoed B.V. door [verweerder] c.s., waarbij eiser stelt dat hij door het niet naleven van het voorkeursrecht schade heeft geleden. Eiser had het pand willen kopen en vorderde nakoming of schadevergoeding wegens wanprestatie en onrechtmatige daad.
De rechtbank had geoordeeld dat het eerdere vonnis van 13 maart 1996, waarin werd beslist dat Nedgoed niet onrechtmatig handelde, gezag van gewijsde toekomt en wees de vorderingen van eiser af. De Hoge Raad stelt dat gezag van gewijsde toekomt aan beslissingen die de rechtsbetrekking tussen partijen definitief bepalen, ook als deze slechts in overwegingen zijn neergelegd.
De Hoge Raad oordeelt dat het eerdere vonnis inderdaad gezag van gewijsde heeft over de onrechtmatigheid van Nedgoed, maar vernietigt het bestreden vonnis omdat de rechtbank onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het causaal verband tussen het niet-nakomen van de aanbiedingsplicht en de door eiser gestelde schade ontbreekt. De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het bestreden vonnis wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere afdoening.