ECLI:NL:PHR:2000:AA8254
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en causaliteitsafweging bij verkeersongeval tussen automobilist en fietser
Op 12 december 1994 vond een verkeersongeval plaats op de Diependaalselaan te Hilversum, waarbij een automobiliste in botsing kwam met een fietser die de weg overstak. De fietser liep letsel op, waarvoor diens verzekeraar de schade vergoedde en verhaal zocht op de automobiliste. De rechtbank wees de vorderingen van de verzekeraar af op grond van overmacht, maar het Gerechtshof Amsterdam oordeelde anders en stelde een schadeverdeling vast.
Het hof concludeerde dat de fietser een ernstige verkeersfout had gemaakt door zonder voorrang te verlenen de rijbaan op te rijden terwijl de automobiliste naderde. De automobiliste reed naar het oordeel van het hof tussen de 40 en 50 km/u en had haar snelheid moeten aanpassen gezien de situatie. De aansprakelijkheid werd verdeeld met 80% voor de fietser en 20% voor de automobiliste. De verzekeraar voerde beroep in cassatie aan tegen deze causaliteitsafweging en de afwijzing van de billijkheidscorrectie.
De Hoge Raad bevestigde dat het hof terecht de snelheid van de automobiliste aannam en dat de wederzijdse gedragingen en omstandigheden juist waren meegewogen. Het hof had ook de zogenoemde Betriebsgefahr (het bijzondere gevaar van motorrijtuigen) niet ten onrechte buiten de causaliteitsafweging gelaten, omdat dit risico in de Nederlandse jurisprudentie wordt verwerkt via de billijkheidscorrectie. De Hoge Raad verwierp het beroep en handhaafde de verdeling van de aansprakelijkheid en de afwijzing van de billijkheidscorrectie door de verzekeraar.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verzekeraar wordt verworpen en de aansprakelijkheid wordt verdeeld met 80% voor de fietser en 20% voor de automobiliste.