ECLI:NL:PHR:2000:AA8297
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing wegens onjuiste beperking onderzoek in herzieningsprocedure valsheid in geschrift
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof te ’s-Gravenhage waarin aan verzoeker een voorwaardelijke gevangenisstraf en geldboete werden opgelegd wegens valsheid in geschrift en overtredingen van sociale verzekeringswetten.
Verzoeker klaagde onder meer over overschrijding van de redelijke termijn en het feit dat het hof weigerde nieuwe stukken en feiten, aangeduid als nova, te betrekken bij het onderzoek. Het hof beriep zich op een beperkte grondslag voor de gegrondverklaring van de herzieningsaanvraag.
De conclusie van de procureur-generaal stelt dat het hof ten onrechte zijn taak in de herzieningsprocedure te beperkt heeft opgevat. Volgens vaste jurisprudentie dient het hof bij herziening de zaak volledig te onderzoeken en rekening te houden met alle op dat moment bekende feiten en verweren.
De conclusie acht het middel gegrond en adviseert vernietiging van het bestreden arrest en verwijzing van de zaak naar het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch voor volledige herbeoordeling conform art. 467 Sv Pro. Er wordt geen uitspraak gedaan over de inhoudelijke schuldvraag.
De zaak benadrukt de reikwijdte van de onderzoeksopdracht in herzieningsprocedures en bevestigt dat het hof niet gebonden is aan de beperkte nova die aanleiding gaf tot herziening, maar de zaak integraal moet behandelen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor volledige herbeoordeling.