ECLI:NL:PHR:2000:AA8900
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling inschrijving woordmerk Erotisch huishoudtextiel en bevoegdheden Hof
In deze zaak heeft [verweerder] het woordmerk Erotisch huishoudtextiel gedeponeerd voor diverse waren en diensten in meerdere klassen bij het Benelux-Merkenbureau (BMB). Het BMB weigerde de inschrijving wegens het ontbreken van onderscheidend vermogen en het beschrijvend karakter van het merk. [Verweerder] tekende bezwaar aan en verzocht het Hof om BMB te bevelen tot inschrijving.
Het Hof 's-Gravenhage oordeelde dat het merk voor waren en diensten met een erotisch karakter beschrijvend was en weigerde inschrijving voor die categorieën, maar beval inschrijving voor overige waren en diensten met een clausule. Het Hof maakte daarbij aanvullingen en beperkingen in de klassenindeling.
De Hoge Raad bespreekt in cassatie de bevoegdheid van het Hof om een geclausuleerd bevel tot inschrijving te geven, het onderscheidend vermogen van het merk, de juiste toepassing van de classificatie van waren en diensten, en de motivering van het Hof. Tevens wordt de procedurele vraag behandeld of het Hof BMB vooraf had moeten horen over de clausules. De conclusie pleit voor aanhouding in afwachting van prejudiciële uitspraken van het Benelux-Gerechtshof, maar geeft ook een uitgebreide inhoudelijke bespreking van de klachten.
Uitkomst: De Hoge Raad heeft de zaak aangehouden in afwachting van prejudiciële uitspraken van het Benelux-Gerechtshof over de bevoegdheid van het Hof en de beoordeling van het onderscheidend vermogen van het woordmerk Erotisch huishoudtextiel.