ECLI:NL:PHR:2000:AA8976
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt strafbaarheid van loslopende hond in aangewezen gebied zonder aangelijnd te zijn
De verdachte werd veroordeeld wegens het onaangelijnd laten lopen van zijn hond op 22 maart 1998 aan de Zandhuizerweg te De Lutte, gelegen in het gebied Lutterzand, een door burgemeester en wethouders aangewezen plaats volgens artikel 2.4.17 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente Losser.
De Rechtbank baseerde de bewezenverklaring op de verklaring van de verdachte zelf en het proces-verbaal van een hoofdagent die de overtreding constateerde. De verdachte voerde onder meer aan dat onduidelijk was of de Zandhuizerweg geheel binnen het aangewezen gebied viel en dat de gebruikte tekst van de APV verouderd was.
De Hoge Raad oordeelde dat de verbalisant geacht mag worden kennis te hebben van de plaatselijke regelgeving en omstandigheden, en dat het bewijs voldoende was dat de overtreding in het aangewezen gebied plaatsvond. Wel werd geoordeeld dat de Rechtbank een onjuiste kwalificatie had gegeven door een verouderde tekst van de APV te hanteren, hetgeen de Hoge Raad ambtshalve corrigeerde.
Daarnaast werd bevestigd dat de verdachte niet hoefde te bewijzen dat hij bekend was met het verbod, aangezien onbekendheid met een algemeen verbindend voorschrift geen schulduitsluitende omstandigheid is. De Hoge Raad verwierp het beroep voor het overige en bevestigde de strafbaarheid van het onaangelijnd laten lopen van een hond in het aangewezen gebied.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de strafbaarheid van het onaangelijnd laten lopen van een hond in een aangewezen gebied en corrigeert ambtshalve de kwalificatie.