ECLI:NL:PHR:2001:AA9556
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over bewijslast bij aansprakelijkheid reparateur motorongeval
Eind maart 1993 bracht eiser zijn motorfiets ter inspectie bij Oude Monnink Motors B.V., die een lekkende oliekoeler constateerde en deze liet repareren. Op 10 april 1993 kwam eiser tijdens een toertocht in Duitsland ten val, waarbij hij letsel opliep en de motor beschadigd raakte. Eiser stelde Oude Monnink aansprakelijk voor de schade, maar deze weigerde vergoeding.
De rechtbank oordeelde dat Oude Monnink toerekenbaar tekortgeschoten was en dat er causaal verband bestond tussen de reparatie en het ongeval, en veroordeelde Oude Monnink tot schadevergoeding. Het hof Arnhem vernietigde het eindvonnis en wees de vordering af, stellende dat niet was komen vast te staan dat voldoende olie op het loopvlak van de achterband was gekomen om het ongeval te veroorzaken.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en oordeelt dat bij schending van een norm die het risico op schade verhoogt en dit risico zich verwezenlijkt, het causaal verband in beginsel is gegeven. Het lag op Oude Monnink om te bewijzen dat het ongeval ook zonder haar wanprestatie zou zijn gebeurd. De zaak wordt verwezen naar het hof Den Bosch voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het hof Den Bosch voor verdere behandeling.