ECLI:NL:PHR:2001:AA9558
Parket bij de Hoge Raad
- Mr. Hartkamp
- Rechtspraak.nl
Wijziging van alimentatie na echtscheiding en de bewijsvoering van de vrouw
In deze zaak gaat het om een geschil tussen een man en een vrouw over de wijziging van de alimentatie na hun echtscheiding in 1986. De vrouw heeft in 1997 een verzoek ingediend bij de Arrondissementsrechtbank te Arnhem om de alimentatie, die oorspronkelijk was vastgesteld op f 600,- per maand, te verhogen naar f 2.700,- per maand. Dit verzoek was gebaseerd op de veronderstelling dat het inkomen van de man was gestegen en dat de lasten door de meerderjarigheid van de oudste kinderen waren verlicht. De man heeft verweer gevoerd en verzocht om de vrouw niet ontvankelijk te verklaren, met als argument dat zij in haar eigen levensonderhoud kon voorzien en dat hij geen draagkracht had om de alimentatie te betalen.
De rechtbank heeft op 9 maart 1999 de alimentatie gewijzigd naar f 1.940,- per maand. De man is in beroep gegaan bij het Gerechtshof te Arnhem, dat op 16 november 1999 een tussenbeschikking heeft genomen waarin de vrouw werd opgedragen bewijs te leveren van haar sollicitatie-inspanningen. De vrouw heeft echter geen bewijsstukken overgelegd, wat leidde tot de conclusie van het hof dat zij niet had aangetoond dat zij niet in haar eigen levensonderhoud kon voorzien.
In de eindbeschikking van 14 maart 2000 heeft het hof geoordeeld dat de vrouw niet voldoende had aangetoond dat zij zich had ingespannen om in haar eigen levensonderhoud te voorzien, en heeft de alimentatie met ingang van 9 maart 1999 op nihil gesteld. De vrouw heeft hiertegen cassatie ingesteld, maar de Procureur-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep, omdat de vrouw niet had voldaan aan haar stelplicht en bewijslevering.