ECLI:NL:PHR:2001:AA9812
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens overtreding leerplichtwet met beroep op gewichtige omstandigheden
Verzoeker werd door de rechtbank te ’s-Gravenhage veroordeeld voor overtreding van artikel 2 lid 1 van Pro de Leerplichtwet 1969 wegens het niet naar school laten gaan van zijn leerplichtige dochter van 5 tot 20 december 1996. Verzoeker gaf aan dat hij met zijn gezin naar Zuid-Afrika was vertrokken vanwege een mogelijke werkgelegenheid, maar dat de baan niet doorging omdat zijn vrouw heimwee had.
De Procureur-Generaal stelde vast dat het vonnis van de rechtbank nietig was omdat de bewezenverklaring ontbrak in het dossier. Tevens werd het beroep van verzoeker op gewichtige omstandigheden, zoals bedoeld in artikel 11 sub g van Pro de Leerplichtwet 1969, onvoldoende gemotiveerd door de rechtbank.
De conclusie van de Procureur-Generaal was om het vonnis te vernietigen en de zaak terug te verwijzen naar de rechtbank te ’s-Gravenhage voor een nieuwe behandeling, waarbij de rechter het beroep op gewichtige omstandigheden adequaat moet beoordelen.
Hiermee wordt de waarborg van een deugdelijke motivering en correcte procedure gewaarborgd in zaken over leerplichtschending.
Uitkomst: Het vonnis van de rechtbank is vernietigd en de zaak is terugverwezen voor hernieuwde berechting met inachtneming van het beroep op gewichtige omstandigheden.