ECLI:NL:PHR:2001:AB0205
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep cassatie tegen homologatie en salarisvaststelling curator
Deze zaak betreft een cassatieberoep van een gefailleerde tegen de homologatie van een akkoord en de vaststelling van het curatorensalaris in het faillissement van zijn onderneming. De rechtbank had het akkoord gehomologeerd en het salaris van de curator vastgesteld. De gefailleerde stelde beroep in cassatie in tegen deze beslissingen.
De Hoge Raad overweegt dat de vaststelling van het curatorensalaris een administratieve beslissing is die de rechtbank neemt in het kader van de gerechtelijke vereffening. Hoewel beroep in cassatie in beginsel openstaat tegen dergelijke beslissingen, geldt dit niet voor de gefailleerde zelf. Dit is in lijn met het systeem van de Faillissementswet dat gericht is op een vlotte afwikkeling van faillissementen.
Daarnaast oordeelt de Hoge Raad dat het beroep tegen de herstelbeschikking, waarin een kennelijke verschrijving in de datum van de beschikking werd gecorrigeerd, eveneens niet-ontvankelijk is omdat tegen dergelijke verbeteringen geen hogere voorziening openstaat, tenzij sprake is van onjuiste toepassing of schending van essentiële procesvormen, wat hier niet is gesteld.
De Hoge Raad concludeert dat het beroep van de gefailleerde tegen zowel de homologatiebeschikking voor zover het het curatorensalaris betreft, als tegen de herstelbeschikking niet-ontvankelijk is en verklaart het beroep dienovereenkomstig niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van de gefailleerde tegen de homologatie en salarisvaststelling van de curator is niet-ontvankelijk verklaard.