ECLI:NL:PHR:2001:AB0241
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naleving artikel 17 Onteigeningswet bij onteigeningsprocedure gemeente Amsterdam
Groenpol B.V. is erfpachter van een perceel dat door de gemeente Amsterdam onteigend werd voor de uitvoering van een bestemmingsplan. De gemeente dagvaardde Groenpol voor vervroegde onteigening, welke Groenpol bestreed met het verweer dat de gemeente onvoldoende had geprobeerd het perceel in der minne te verkrijgen, een vereiste volgens artikel 17 van Pro de Onteigeningswet.
De rechtbank stelde vast dat tussen partijen meerdere onderhandelingen hadden plaatsgevonden na het definitief worden van het onteigeningsbesluit, waaronder schriftelijke biedingen en gesprekken. De rechtbank concludeerde dat de gemeente serieus had gepoogd tot een minnelijke overeenkomst te komen.
Groenpol stelde in cassatie dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat aan artikel 17 was Pro voldaan. De Hoge Raad overwoog dat de rechtbank geen onjuiste rechtsopvatting had gegeven en dat de motivering niet tekort schoot. De conclusie was dat het beroep ongegrond is en verworpen kan worden.
Daarnaast wees de A-G op een niet-fataal vormverzuim in de dagvaarding, dat echter geen gevolgen had omdat de gedaagde was verschenen en geen nadeel had gesteld.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Groenpol wordt verworpen; de gemeente heeft voldoende geprobeerd het perceel bij minnelijke overeenkomst te verkrijgen.