ECLI:NL:PHR:2001:AB1473
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen doodslag en poging tot doodslag in Bacchus-schietpartij
In de Bacchus-zaak, waarbij op 10 januari 1999 bij een schietpartij twee jonge vrouwen om het leven kwamen en een derde ernstig gewond raakte, werd verzoeker veroordeeld tot 16 jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van doodslag, poging tot doodslag en verboden wapenbezit.
Het hof verwierp het verzoek tot een reconstructie van het schietproces, omdat een exacte reconstructie niet mogelijk is door factoren als herladen munitie en weersomstandigheden, en oordeelde dat dit niet noodzakelijk was voor de waarheidsvinding. Verzoeker voerde meerdere middelen aan, waaronder onrechtmatige verkrijging van zijn bekentenis en twijfel aan de bewijswaarde van getuigenverklaringen, maar deze werden door het hof en de Hoge Raad verworpen.
De bekentenissen van verzoeker, ook afgelegd in aanwezigheid van zijn raadsman, en de verklaring van een getuige, ondanks een vergissing in de zitting, werden als overtuigend bewijs aanvaard. Het cassatieberoep werd niet-ontvankelijk verklaard of verworpen, waarmee de veroordeling in stand bleef.
Uitkomst: Verzoeker wordt definitief veroordeeld tot 16 jaar gevangenisstraf voor medeplegen van doodslag, poging tot doodslag en verboden wapenbezit.