ECLI:NL:PHR:2001:AB1517
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt voorwaardelijk opzet bij bezit kinderpornografische afbeeldingen op harde schijf
Verdachte is door het Hof te 's-Gravenhage veroordeeld wegens het in voorraad hebben van kinderpornografische afbeeldingen op zijn harde schijf. Het Hof stelde vast dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat hij dergelijke afbeeldingen bezat, mede doordat hij ondanks kennis van de aanwezigheid van kinderpornografie op zijn computer, doorging met het opslaan van materiaal zonder hiertegen op te treden.
De verdediging voerde onder meer aan dat de harde schijf als processtuk had moeten worden toegevoegd en dat de verdediging onvoldoende gelegenheid had gehad tot onderzoek, wat volgens hen het beginsel van equality of arms schond. De Hoge Raad oordeelde dat de harde schijf geen processtuk is, maar dat het onderzoek daarvan schriftelijk is vastgelegd en dat de verdediging voldoende gelegenheid had om vragen te stellen en een demonstratie te geven.
Verder werd geoordeeld dat de bewezenverklaring van het voorwaardelijk opzet voldoende gemotiveerd is, mede op basis van de eigen waarneming van de rechter van de afbeeldingen, waarbij algemeen bekende criteria voor kinderpornografie zijn toegepast. Ten slotte verwierp de Hoge Raad de overige middelen en bevestigde het arrest van het Hof.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling wegens voorwaardelijk opzet op het bezit van kinderpornografische afbeeldingen op de harde schijf.