ECLI:NL:PHR:2001:AB2245
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens niet-naleving dagvaardingstermijn in hoger beroep verkeersovertreding
Verdachte werd door de rechtbank te ’s-Gravenhage veroordeeld wegens het niet sluiten en in stand houden van een verplichte motorrijtuigenverzekering, met oplegging van een geldboete en ontzegging van rijbevoegdheid. Namens verdachte werd cassatie ingesteld met het middel dat de straf onvoldoende gemotiveerd zou zijn.
De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank zich voldoende heeft verantwoord omtrent de strafoplegging en dat geen nadere motivering vereist was omdat ter terechtzitting geen verweer werd gevoerd. Echter is vastgesteld dat de dagvaarding voor de terechtzitting in hoger beroep niet voldeed aan de wettelijke termijn van ten minste tien dagen tussen betekening en zitting.
Omdat verdachte niet is verschenen en de termijnverkorting niet is toegestaan, had de rechtbank het onderzoek moeten schorsen en de verdachte opnieuw moeten oproepen. Dit verzuim leidt tot nietigheid van het onderzoek en de uitspraak. Daarom vernietigt de Hoge Raad het bestreden vonnis en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor een nieuwe behandeling in hoger beroep.
Uitkomst: Het bestreden vonnis wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting in hoger beroep.