ECLI:NL:PHR:2001:AB2770
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling maatgevend tijdstip en beschermingsomvang Europees octrooi voor installatie glasvezelleidingen
In deze cassatieprocedure staat centraal welk tijdstip bepalend is voor de kennis van de gemiddelde vakman bij de uitleg van een Europees octrooi op een werkwijze voor het installeren van glasvezelleidingen in buisvormige kanalen. BT is houdster van het octrooi en stelt dat KPN en Plumettaz inbreuk maken met hun duw- en blaasmethode, terwijl KPN en Plumettaz betogen dat hun werkwijze buiten de beschermingsomvang valt omdat het BT-octrooi alleen de blaasmethode omvat.
De rechtbank en het hof hebben de vorderingen van BT afgewezen, stellende dat het BT-octrooi beperkt is tot lichte en flexibele vezelleidingen die uitsluitend door een persluchtstroom worden voortbewogen, en dat de werkwijze van KPN een combinatie van duwen en blazen betreft. BT stelt in cassatie dat het maatgevend tijdstip voor de kennis van de vakman niet de prioriteitsdatum, maar de datum van de inbreuk of publicatie van het octrooi moet zijn.
De Hoge Raad bespreekt uitgebreid de verschillende internationale en nationale opvattingen over het maatgevend tijdstip en concludeert dat de kennis van de gemiddelde vakman op de datum van de inbreuk uiteindelijk maatgevend is, maar dat de prioriteitsdatum een belangrijke factor blijft bij het vaststellen van de uitvindingsgedachte en de beschermingsomvang. De Hoge Raad verwerpt de overige klachten en bevestigt dat de werkwijze van KPN buiten de beschermingsomvang van het BT-octrooi valt.
De conclusie van de Hoge Raad is dat het beroep wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.