ECLI:NL:PHR:2001:AB3098
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Arbeidsrechtelijke geschil over loonbetaling bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid en passend werk
De zaak betreft een arbeidsrechtelijk geschil tussen een werknemer en zijn werkgever, Ranzijn Tuin & Dier Zaanstad B.V., over de doorbetaling van loon na gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. De werknemer was algemeen medewerker dier en werd wegens ziekte arbeidsongeschikt verklaard voor het tillen en sjouwen van goederen boven 5 kilo. Tijdens het eerste ziektejaar werkte hij met aanpassingen, maar daarna weigerde de werkgever passend werk aan te bieden en stopte de loonbetaling.
De werknemer vorderde loonbetaling vanaf het moment dat hij niet meer kon werken vanwege zijn beperkingen, stellende dat hij bereid was passend werk te verrichten. De werkgever stelde dat het sjouw- en tilwerk inherent was aan de functie en dat het niet redelijk was om de werkgever te verplichten deze taken blijvend over te nemen door collega’s, mede vanwege de belasting van andere werknemers. De lagere rechter wees de vordering af en oordeelde dat de werkgever niet meer hoefde te doen dan redelijk was.
De Hoge Raad vernietigt dit vonnis vanwege onvoldoende motivering over de omvang van het sjouw- en tilwerk en de redelijkheid van de aanpassingen. De zaak wordt terugverwezen naar het hof voor nader onderzoek naar de feitelijke omstandigheden en wat van de werkgever redelijkerwijs kon worden verlangd, met aandacht voor de belangen van de werknemer en collega’s.
Uitkomst: Het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nader onderzoek naar de redelijkheid van het aanbod passend werk en de omvang van het til- en sjouwwerk.