ECLI:NL:PHR:2001:AD4372
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt medeplichtigheid aan vernieling telefooncel met vuurwerkbom
Verdachte werd door het Gerechtshof Arnhem veroordeeld wegens medeplichtigheid aan het vernielen van een telefooncel van KPN Telecom door het tot ontploffing brengen van een vuurwerkbom.
De feiten betroffen het gezamenlijk vervaardigen van een vuurwerkbom op 31 december 1998, die in de nieuwjaarsnacht in een telefooncel werd geplaatst en tot ontploffing werd gebracht, waarbij verdachte aanwezig was en wist van het plan. Het hof concludeerde dat verdachte voorwaardelijk opzet had op de vernieling, ook al wist hij niet dat de bom specifiek in de telefooncel zou ontploffen.
Verdachte stelde in cassatie dat hij niet wist van het vernielingsvoornemen en dat het hof art. 48 Sr Pro onjuist had toegepast door medeplichtigheid te kwalificeren als gelijktijdig terwijl sprake was van voorafgaande medeplichtigheid. De Hoge Raad oordeelde dat het hof een kennelijke misslag had gemaakt in de bewezenverklaring maar dat dit kon worden hersteld zonder dat het middel slaagt.
Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling blijft in stand.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt veroordeling verdachte voor medeplichtigheid aan vernieling telefooncel met vuurwerkbom.