ECLI:NL:PHR:2001:AD5016
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontbinding van stichtingen wegens gebrek aan vermogen en wanbeleid door bestuurders
De Gemeente Den Haag en de Stichting Sociaal Cultureel Werk (SSCW) verzochten de rechtbank om drie stichtingen te ontbinden op grond van artikel 2:301 BW Pro, vanwege onvoldoende vermogen en het niet kunnen bereiken van hun statutaire doelen. Tevens werd verzocht om de benoeming van vereffenaars en het ontslag van bepaalde bestuurders wegens wanbeleid en verduistering van subsidiegelden.
De rechtbank ontbond de stichtingen en benoemde de voorgestelde vereffenaars. Alleen één bestuurder, hier aangeduid als verzoeker, stelde hoger beroep in tegen deze beschikking. Hij voerde aan dat er nog mogelijkheden waren voor de stichtingen om hun doelen te realiseren, ondanks het gebrek aan subsidies en activiteiten sinds 1993.
Het hof verwierp dit beroep omdat er geen concreet plan was en het onwaarschijnlijk was dat de stichtingen binnen afzienbare tijd weer vermogen zouden vergaren. Tevens bestonden er ernstige bezwaren tegen de verzoeker als vereffenaar vanwege manipulaties met subsidiegelden. De beschikking werd bekrachtigd en uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
In cassatie werd het beroep van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard, omdat hij geen rechtens te respecteren belang had bij het voortzetten van de stichtingen. Zijn eigen stellingen over manipulaties en het ontbreken van een concreet plan onderstrepen dit. De Hoge Raad bevestigde daarmee de ontbinding en het ontslag van de bestuurders.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de bestuurder is niet-ontvankelijk verklaard, waarmee de ontbinding van de stichtingen definitief is bevestigd.