ECLI:NL:PHR:2002:AD6991
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onjuiste toepassing van wetsartikel bij dienstweigering
Verdachte werd door het Gerechtshof Arnhem, Militaire Kamer, veroordeeld wegens overtreding van art. 139 Wetboek Pro van Militair Strafrecht (WvMSr) tot onbetaalde arbeid en een geldboete, subsidiair hechtenis. Tegen deze uitspraak stelde verdachte cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
Door een administratieve vergissing concludeerde de Procureur-Generaal aanvankelijk tot verwerping van het beroep, maar na correctie werd vastgesteld dat de strafoplegging onjuist was omdat het hof een wetsartikel toepaste dat pas op 27 januari 1995 in werking trad, terwijl het feit eerder was gepleegd.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is vastgesteld dat de wetswijziging geen wijziging in strafwaardigheid inhoudt, zodat het oude artikel toegepast had moeten worden. Daarom wordt de strafoplegging vernietigd en de zaak terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting, met behoud van het overige vonnis.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting wegens onjuiste wetsapplicatie.