ECLI:NL:PHR:2002:AD8951
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing wegens gebrekkige motivering in bewijsopname
Op 19 juli 1999 legde het Gerechtshof te Amsterdam aan veroordeelde een verplichting op tot betaling van een bedrag van tweemiljoeneenhonderdduizend gulden ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, te vervangen door 72 maanden hechtenis.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad concludeerde dat de bestreden beslissing niet in stand kan blijven vanwege gebreken in de motivering waarmee het Hof diverse verzoeken om getuigen ter terechtzitting te horen heeft afgewezen. Deze gebreken zijn nader uiteengezet in een samenhangende zaak.
Er zijn geen middelen van cassatie voorgesteld, maar de motiveringsgebreken leiden tot vernietiging van het arrest. De zaak wordt verwezen naar een aangrenzend Hof om het bestaande hoger beroep te berechten en af te doen.
Deze procedure benadrukt het belang van een deugdelijke motivering bij het al dan niet toelaten van getuigenverhoor in strafzaken, en de rol van de Hoge Raad in het waarborgen van een correcte rechtsgang.
Uitkomst: Het arrest van het Hof Amsterdam wordt vernietigd wegens gebrekkige motivering en de zaak wordt verwezen naar een ander hof.