ECLI:NL:PHR:2002:AD9050
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt beperking draagkracht bij onderhoudsbijdrage kinderen
In deze zaak heeft het Hof Arnhem de man veroordeeld tot betaling van een onderhoudsbijdrage ten behoeve van de kinderen, waarbij het hof heeft vastgesteld dat de behoefte van de kinderen hoger is dan het bedrag dat de man kan betalen. De vrouw stelde cassatieberoep in tegen deze beslissing, stellende dat het hof het recht heeft geschonden door niet te oordelen dat de man het volledige benodigde bedrag moest voldoen, ondanks haar eigen onvermogen bij te dragen.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat iemand niet kan worden veroordeeld tot een onderhoudsbijdrage die zijn draagkracht te boven gaat, omdat zo'n veroordeling niet bijdraagt aan het opvullen van het financiële tekort. Tevens wijst de Hoge Raad erop dat de rechter bij de bepaling van de draagkracht kan abstraheren van bepaalde omstandigheden, zoals in deze zaak is gebeurd.
Het cassatieberoep wordt verworpen, waarmee het oordeel van het Hof Arnhem in stand blijft. De zaak bevestigt het uitgangspunt dat de draagkracht van de onderhoudsplichtige leidend is bij de vaststelling van de onderhoudsbijdrage, ook als daardoor een financieel tekort ontstaat.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het oordeel van het Hof Arnhem wordt bevestigd.