ECLI:NL:PHR:2002:AE1537
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing schadevergoeding wegens vermeende misleiding in mungboonleveringsovereenkomsten
Deze zaak betreft een geschil over drie in 1985 gesloten overeenkomsten tot levering van mungbonen, waarbij de kopers wanprestatie stelden wegens een lagere kiemkracht dan gegarandeerd. De rechtbank stelde wanprestatie vast en kende ontbinding en terugbetaling toe, maar het hof wees deze vorderingen af. Vervolgens vorderden de verkopers schadevergoeding wegens onrechtmatige daad, stellende dat de kopers de rechtbank en het hof bewust hadden misleid, waardoor de procedure onnodig lang duurde en kosten werden veroorzaakt.
Het hof oordeelde dat onvoldoende was komen vast te staan dat sprake was van bewuste misleiding met betrekking tot de producties die de rechtbank tot haar oordeel bracht, met name dat het deskundigenonderzoek de kern van het oordeel vormde. Ook was niet vastgesteld dat de onderzochte bonen daadwerkelijk door de verkopers waren geleverd. Klachten over deze oordelen faalden, mede omdat de uitleg van de vorderingsgrondslag aan het hof was voorbehouden.
De Hoge Raad bevestigt deze oordelen en verwerpt het cassatieberoep. De conclusie is dat de vermeende onjuiste gegevens niet hebben geleid tot een verdergaande beslissing dan het bevel tot deskundigenonderzoek, en dat onvoldoende feiten zijn gesteld om onrechtmatigheid aan te nemen die schade zou hebben veroorzaakt.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van de schadevergoeding wegens vermeende misleiding.