ECLI:NL:PHR:2002:AE2122
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt ontbinding huurovereenkomst wegens gebruik gehuurde voor criminele activiteiten
In deze zaak vorderde de verhuurder Mitros ontbinding van de huurovereenkomst van een garage vanwege het gebruik ervan voor criminele activiteiten. De huurder betwistte dat hij wist van het criminele gebruik en dat het gebruik verband hield met het gehuurde.
De procedure volgde op een eerdere ontruimingsvordering en de kantonrechter wees de ontbinding toe. In hoger beroep maakte de huurder bezwaar tegen de onpartijdigheid van dezelfde rechter die zowel de voorlopige voorziening als de bodemprocedure behandelde, wat volgens hem in strijd zou zijn met art. 6 EVRM Pro.
De Hoge Raad oordeelde dat het nationale procesrecht toelaat dat één rechter beide procedures behandelt zonder schending van art. 6 EVRM Pro, mits hoger beroep mogelijk is. Verder bevestigde de Hoge Raad dat ontbinding ook kan worden toegewezen bij tekortkomingen die niet aan de huurder persoonlijk zijn toe te rekenen, en dat de ernst van het gebruik van het gehuurde voor criminele activiteiten de ontbinding rechtvaardigt. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de ontbinding van de huurovereenkomst bevestigd.