ECLI:NL:PHR:2002:AE9244
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vrijwaringsvordering tegen verzekeraar inzake voorlopige dekking WAM-verzekering
Eiser had een auto verkocht en een andere gekocht, waarbij hij een voorlopige WA-verzekering via assurantietussenpersoon [B] had met een door Winterthur uitgegeven "groene kaart". Na een aanrijding met de nieuwe auto werd eiser veroordeeld tot betaling van schade aan derden, waarna hij Winterthur in vrijwaring riep.
De rechtbank kende eiser vrijwaring toe, maar het hof wees dit af omdat de verzekeringsovereenkomst niet definitief was en de "groene kaart" niet op naam van eiser stond. De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom eiser niet tot de kring van verzekerden behoorde onder de voorlopige dekking.
De Hoge Raad benadrukte dat de voorlopige dekking een volwaardige verzekeringsovereenkomst betreft en dat eiser als mede-verzekerde onder art. 3 WAM Pro aanspraak kan maken op dekking. Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere beoordeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere beoordeling van de vrijwaringsvordering.