ECLI:NL:PHR:2002:AE9397
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bestuurder aansprakelijk wegens nalaten financiering vennootschappen ondanks kennis betalingsonwil
In deze civiele zaak stond de persoonlijke aansprakelijkheid van een bestuurder centraal, die namens twee vennootschappen financiële verplichtingen was aangegaan. De vennootschappen verkeerden in financiële moeilijkheden en waren failliet verklaard, waardoor zij niet aan hun verplichtingen konden voldoen.
De eiseres, bestuurder van de vennootschappen, wist of moest redelijkerwijs begrijpen dat de vennootschappen hun verplichtingen niet konden nakomen. Zij had de mogelijkheid om betaling mogelijk te maken door het arrangeren van krediet binnen het concern, maar heeft dit nalatig nagelaten. Haar verweer dat zij uit onvrede over de overeenkomst niet wilde betalen, werd door het hof verworpen omdat zij geen passende juridische stappen had ondernomen.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de bestuurder onrechtmatig had gehandeld door niet te zorgen voor financiering, ondanks dat de vennootschappen zelf geen verhaal boden. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de aansprakelijkheid van de bestuurder, waarbij werd gewezen op de jurisprudentie omtrent bestuurdersaansprakelijkheid en onrechtmatig handelen door nalaten.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder wegens nalaten financiering terwijl zij wist dat de vennootschappen niet aan hun verplichtingen konden voldoen.