ECLI:NL:PHR:2003:AE9050
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beperking opsporingsbevoegdheid Koninklijke marechaussee bij niet-taakgerelateerde strafbare feiten
Op 2 mei 2000 sprak het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch verdachte vrij van het primair tenlastegelegde misdrijf op grond van artikel 8 lid 2 onder Pro a van de Wegenverkeerswet 1994, omdat de ademanalyse onrechtmatig was afgenomen door een marechausseeambtenaar die niet bevoegd was.
De zaak betrof een incident op 22 augustus 1997 waarbij marechaussees verdachte aanhielden wegens een vermoedelijke overtreding van de Wegenverkeerswet. Hoewel twee marechaussees bevoegd waren tot opsporing binnen hun taakgebied, was de marechaussee Moureaux die de ademanalyse afnam niet bevoegd omdat verdachte geen militair was en het delict niet plaatsvond binnen een gebied waar de marechaussee algemene opsporingsbevoegdheid heeft.
De Hoge Raad oordeelt dat de opsporingsbevoegdheid van de marechaussee beperkt is tot strafbare feiten die verband houden met hun politietaken en dat zij slechts in uitzonderlijke gevallen buiten deze taak mogen optreden. De vrijspraak is daarom terecht en het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard en de vrijspraak van verdachte bevestigd.