ECLI:NL:PHR:2003:AF0195
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing curator tot indeplaatsstelling en vernietiging huuropzegging
De zaak betreft een faillissement van een horecazaak en de vraag of de curator de huurovereenkomst kan voortzetten door indeplaatsstelling van een derde. De curator sloot een activatransactie met een derde, waarbij onder meer werd afgesproken zich in te spannen voor de overname van de huurovereenkomst. De verhuurder zegde de huurovereenkomst op grond van art. 39 Faillissementswet Pro.
De kantonrechter wees de vordering tot indeplaatsstelling af en vernietigde de huuropzegging wegens misbruik van recht. De rechtbank Haarlem bekrachtigde de afwijzing van de indeplaatsstelling maar vernietigde de vernietiging van de huuropzegging, oordelend dat geen zwaarwichtig belang voor indeplaatsstelling bestond en dat de huuropzegging niet misbruikt was.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel. De curator kon geen zwaarwichtig belang aantonen, mede omdat het risico van het niet slagen van de indeplaatsstelling contractueel bij de koper lag. Ook was onvoldoende gesteld dat de huurder niet zou tekortschieten in de nakoming van de huurovereenkomst. De huuropzegging was daarom niet onrechtmatig. Het cassatieberoep wordt verworpen en de curator wordt in de kosten veroordeeld.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de curator wordt verworpen en de afwijzing van de vordering tot indeplaatsstelling en de rechtmatigheid van de huuropzegging wordt bevestigd.