ECLI:NL:PHR:2003:AF0736
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt strafoplegging wegens onjuiste toepassing van artikel 426 Sr tweede lid
De verdachte werd door de rechtbank te 's-Hertogenbosch veroordeeld wegens het zich in kennelijke staat van dronkenschap bevinden op de openbare weg en het verstoren van de openbare orde terwijl hij dronken was. De rechtbank legde voor het verstoren van de orde een gevangenisstraf op van drie weken, waarvan twee weken voorwaardelijk.
De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank ten onrechte het tweede lid van artikel 426 Sr Pro heeft toegepast. Dit lid stelt een hogere straf mogelijk indien binnen een jaar voorafgaand aan het delict een eerdere veroordeling wegens art. 426 of Pro 453 Sr onherroepelijk is geworden. De enige eerdere veroordeling die de rechtbank aanvoerde viel buiten deze termijn.
Daarnaast is niet voldaan aan de vereiste dat de strafverzwarende omstandigheid in de tenlastelegging en bewezenverklaring moet zijn opgenomen. Ook is de opgelegde straf hoger dan de maximale straf die het tweede lid van art. 426 Sr Pro toestaat.
De Hoge Raad vernietigt daarom het deel van het vonnis dat betrekking heeft op de strafoplegging voor feit 3 en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor een nieuwe strafbepaling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging voor het verstoren van de openbare orde in staat van dronkenschap en verwijst de zaak terug voor nieuwe strafbepaling.