ECLI:NL:PHR:2003:AF1597
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid van cassatieberoep na betwisting volmachtbrief
De verdachte werd door het gerechtshof Arnhem bij verstek veroordeeld tot twee weken gevangenisstraf wegens verduistering van zes schilderijen. Na betekening van het arrest op 9 mei 2001 stuurde de verdachte op 10 mei 2001 een brief waarin hij schriftelijk bekendmaakte dat mr. Gerard Spong het cassatieberoep zou instellen namens hem.
De griffier van het hof Arnhem interpreteerde deze brief niet als een volmacht zoals bedoeld in artikel 450 van Pro het Wetboek van Strafvordering. Vervolgens werd op 11 mei 2001 een akte cassatie opgesteld, waarmee het cassatieberoep formeel werd ingesteld. Later kwam een vrijwel identieke brief met de toevoeging 'last & volmacht' binnen, waarvan vermoed werd dat deze vervalst was.
De conclusie van de Advocaat-Generaal is dat de brief van 10 mei 2001, zoals ontvangen op 11 mei, moet worden opgevat als een geldige volmacht tot het instellen van cassatie. Eventuele latere manipulaties mogen niet met terugwerkende kracht de bedoeling van de verdachte op het moment van ontvangst aantasten. De conclusie strekt tot ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep, waarbij verdere beoordeling van de inhoudelijke middelen aan de Hoge Raad wordt overgelaten.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ontvankelijk verklaard ondanks twijfel over de volmachtbrief.