ECLI:NL:PHR:2003:AF3372
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit apparaat bestemd voor illegaal opwaarderen telefoonkaarten
In deze zaak is verdachte veroordeeld wegens het opzettelijk voorhanden hebben van een apparaat en gegevens die bestemd zijn om met behulp van valse signalen gebruik te maken van telecommunicatiediensten zonder daarvoor volledig te betalen, zoals bedoeld in artikel 326c, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht.
Het hof heeft geoordeeld dat het apparaat, een combinatie van een kaartafleesapparaat, computer en oplaadkastje, geschikt en bestemd was om telefoonkaarten illegaal op te waarderen. Dit apparaat genereert valse signalen die door telecommunicatie-instellingen worden herkend als legaal beltegoed, waardoor diensten onrechtmatig worden verkregen. De verdachte had het apparaat uit winstbejag in bezit.
De Hoge Raad verwierp de cassatiemiddelen die stelden dat het bezit van de apparatuur niet strafbaar zou zijn en dat de bewezenverklaring niet uit de bewijsmiddelen zou volgen. De Hoge Raad bevestigde dat de combinatie van apparatuur en gegevens als een voorwerp en gegevens kan worden aangemerkt die kennelijk bestemd zijn voor het plegen van het strafbare feit. Het beroep werd verworpen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf wegens bezit van een apparaat bestemd voor het illegaal opwaarderen van telefoonkaarten.