ECLI:NL:PHR:2003:AF3804
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid gemeente voor onrechtmatige daad ambtenaar burgerlijke stand bij ongeldige huwelijksakte
In deze zaak vordert de vrouw een verklaring voor recht en schadevergoeding van de gemeente wegens een onrechtmatige daad van de ambtenaar van de burgerlijke stand (a.b.s.). De huwelijksakte, opgesteld op 9 januari 1987 in het ziekenhuis waar de man werd verpleegd, werd later doorgehaald omdat de man niet rechtsgeldig zijn instemming met het huwelijk kon geven.
De rechtbank en het hof verwierpen de vordering van de vrouw, waarbij het hof oordeelde dat de a.b.s. niet onzorgvuldig had gehandeld bij het vaststellen van de wilsverklaring. De Hoge Raad stelt vast dat de a.b.s. zijn ambtsplicht heeft geschonden door de akte op te maken zonder geldige verklaring van de man, wat een onrechtmatige daad kan opleveren.
Desondanks wijst de Hoge Raad het cassatieberoep af omdat de vrouw geen belang heeft bij haar vordering tot schadevergoeding, aangezien de schadevergoeding niet toewijsbaar is omdat zij zelf de situatie heeft veroorzaakt. De procedure benadrukt de zelfstandige rol en plicht van de a.b.s. bij het huwelijk en de grenzen van aansprakelijkheid jegens derden.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen wegens gebrek aan belang bij de gevorderde schadevergoeding ondanks schending van ambtsplicht door de ambtenaar van de burgerlijke stand.