ECLI:NL:PHR:2003:AF5099
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor schade door groepsoptreden bij diefstal in bordeel
In deze zaak vordert eiser vergoeding van circa fl 400.000 diefstal uit zijn bezit in een bordeel, waarbij meerdere verweerders betrokken waren. Eiser stelt dat verweerders gezamenlijk en in vereniging handelden en dat zij op grond van artikel 6:166 BW Pro aansprakelijk zijn wegens groepsoptreden. De rechtbank wees de vordering grotendeels toe tegen de dader, maar wees de vorderingen tegen andere verweerders af wegens onvoldoende bewijs van aansprakelijkheid.
Het hof bekrachtigde dit oordeel en oordeelde dat niet vaststaat dat er sprake was van groepsoptreden dat het risico op diefstal voor eiser deed ontstaan. Ook de stelling dat verweerders een zorgplicht hadden jegens de uiterst kwetsbare eiser werd verworpen. Het hof vond dat het feit dat verweerders geld van eiser hadden ontvangen niet automatisch aansprakelijkheid meebrengt.
De Hoge Raad bevestigt dat voor aansprakelijkheid op grond van art. 6:166 BW Pro vereist is dat de aangesprokene de kans op schade had behoren te voorzien en zich van zijn gedragingen had moeten onthouden. De aanwezigheid ter plaatse of het ontvangen van geld impliceert niet automatisch aansprakelijkheid. De klachten van eiser tegen het oordeel van het hof worden afgewezen, waarbij wordt benadrukt dat art. 6:166 BW Pro niet bedoeld is voor elke persoon die zich in de buurt van een schadegebeurtenis bevindt.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard voor een verweerder en voor het overige verworpen, waardoor het arrest van het hof in stand blijft.