ECLI:NL:PHR:2003:AF7883
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid verkoper voor boktor- en houtwormaantasting in koopwoning
In deze zaak kochten verweerders een vooroorlogse woning waarin bij levering een boktor- en houtwormaantasting aanwezig was, waarvan eisers als verkopers niet hadden medegedeeld. Verweerders stelden eisers aansprakelijk voor de schade, stellende dat de aantasting het normale gebruik van de woning belemmerde. De rechtbank oordeelde dat de aantasting niet zichtbaar of kenbaar was voor verweerders en dat eisers aansprakelijk waren. Het hof bevestigde dit oordeel en stelde dat verweerders niet hoefden te verwachten dat de doorzakking van het dak door een aantasting werd veroorzaakt, en dat zij de verkopers tijdig hadden geïnformeerd na ontdekking.
Eisers voerden in cassatie aan dat het hof ten onrechte uitging van louter subjectieve kennis van verweerders en dat ook gebreken die verweerders redelijkerwijs hadden moeten ontdekken, voor hun rekening moesten komen. De Hoge Raad verwierp dit en bevestigde dat bij verborgen gebreken de aansprakelijkheid van de verkoper geldt tenzij de koper het gebrek kende of redelijkerwijs had moeten kennen. Tevens oordeelde de Hoge Raad dat verweerders tijdig de verkopers hebben geïnformeerd na ontdekking van de aantasting.
De Hoge Raad verwierp alle cassatiemiddelen en bekrachtigde het arrest van het hof, waarmee de verkopers aansprakelijk werden gehouden voor de verborgen gebreken die het normale gebruik van de woning belemmerden.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de verkoper aansprakelijk is voor verborgen gebreken die het normale gebruik van de woning belemmeren.