ECLI:NL:PHR:2003:AF7904
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verzekeraar mag beroep doen op vervalbeding wegens niet-tijdige schademelding na inbraak
De zaak betreft een geschil tussen H.D. Secret N.V. en Fatum/De Nederlanden van 1845 Schadeverzekering N.V. over een verzekeringsclaim na meerdere inbraken bij Secret. Secret stelde dat zij de schade tijdig had gemeld, onder meer via een tussenpersoon, en dat Fatum daardoor onterecht een beroep deed op een vervalbeding in de polis.
De feiten betroffen inbraken eind 1997 en begin 1998, waarbij Secret stelde direct aangifte te hebben gedaan bij de politie en de schade te hebben gemeld bij Fatum. Fatum betwistte echter dat zij tijdig op de hoogte was gesteld, mede omdat de tussenpersoon niet bevoegd zou zijn om namens haar meldingen te ontvangen.
De lagere rechterlijke instanties oordeelden dat Secret onvoldoende had bewezen dat zij tijdig de schade had gemeld en dat Fatum een redelijk belang had bij het vervalbeding, omdat zij zonder tijdige melding geen onderzoek kon instellen. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep van Secret, waarbij werd benadrukt dat het niet aannemelijk maken van tijdige melding en de twijfel over de bevoegdheid van de tussenpersoon het beroep op het vervalbeding rechtvaardigen.
Uitkomst: Het beroep van Secret wordt verworpen en het beroep van Fatum op het vervalbeding bevestigd.