ECLI:NL:PHR:2003:AF8751
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtsgeldigheid betekening dagvaarding bij verstekveroordeling ondanks onjuist adres in buitenland
De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep van een verdachte die bij verstek was veroordeeld voor een roofoverval. Het middel betrof de onjuiste betekening van de dagvaarding, die was verstuurd naar een verkeerd adres in Groot-Brittannië.
Uit de processtukken bleek dat de verdachte eerder een ander adres had opgegeven, maar dat de dagvaarding naar een afwijkend adres was gestuurd. De raadsman van de verdachte was bij de terechtzitting aanwezig en klaagde niet over het betekeningsverzuim. De Hoge Raad verwijst naar jurisprudentie dat het ontbreken van een klacht impliceert dat de verdachte vrijwillig afstand heeft gedaan van zijn aanwezigheidsrecht.
De Hoge Raad concludeerde dat ondanks de foutieve adressering de verdachte niet onbekend was met de zittingsdatum en zijn aanwezigheidsrecht kon uitoefenen. Er waren geen gronden voor vernietiging van het arrest van het hof, zodat het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Cassatieberoep verworpen; verstekveroordeling blijft in stand ondanks onjuiste betekening dagvaarding.