ECLI:NL:PHR:2003:AF9433
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid van arbitrage bij geschil over woning in commanditaire vennootschap
In deze zaak zijn eiser en verweerder vennoten in een commanditaire vennootschap die een komkommerkwekerij exploiteert. Er ontstond een geschil over de levering van een woning die bij het bedrijf hoort, nadat verweerder de vennootschap had opgezegd. Eiser vorderde bij de rechtbank levering van de woning en een verklaring voor recht, maar verweerder stelde dat de arbitrage bevoegd was vanwege een arbitraal beding in de vennootschapsakte.
De rechtbank wees de vordering van verweerder af en verklaarde zich bevoegd, maar het hof vernietigde dit vonnis en verklaarde de rechtbank onbevoegd, omdat het geschil onder het ruime arbitraal beding van artikel 24 van Pro de vennootschapsakte valt. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep van eiser af.
De Hoge Raad overweegt dat hoewel de woning niet in de vennootschap is ingebracht, het arbitraal beding een ruime werking heeft en ook geschillen over onrechtmatige daad omvat. Het hof heeft dit feitelijk juist beoordeeld en voldoende gemotiveerd. Het cassatieberoep slaagt niet omdat het geen vragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproept.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de bevoegdheid van arbitrage en verklaart de rechtbank onbevoegd, het cassatieberoep wordt afgewezen.