ECLI:NL:PHR:2003:AF9440
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid en ontvankelijkheid in enquêteprocedure inzake certificaathouderschap en bestuursgeschil
In deze zaak staat centraal de vraag wie als belanghebbende kan worden aangemerkt in een enquêteprocedure op grond van art. 2:346 BW Pro, met name of een economisch rechthebbende op certificaten zonder directe contractuele relatie met de administratiekantoor als certificaathouder kan gelden. De procedure betreft een geschil tussen twee aandeelhouders over het bestuur en beleid van [naam 1] B.V. en haar belang in SNF S.A., waarbij sprake is van een impasse in de besluitvorming.
De ondernemingskamer heeft een onderzoek bevolen naar het beleid van [naam 1] vanaf de oprichting in 1993 en voorlopige voorzieningen getroffen, waaronder de benoeming van een bestuurder met beslissingsbevoegdheid zonder instemming van de algemene vergadering. De Hoge Raad bevestigt dat de ondernemingskamer de verzoeker terecht ontvankelijk heeft verklaard, omdat deze als economisch rechthebbende op de certificaten een concreet belang heeft. Ook wordt bevestigd dat een voormalig bestuurder als MeesPierson Trust belanghebbende kan zijn in de eerste fase van de enquêteprocedure.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat de ondernemingskamer niet ambtshalve een machtiging tot het raadplegen van boeken van een buitenlandse vennootschap (SNF S.A.) mag verlenen zonder dat de onderzoeker daarom verzoekt en zonder dat de buitenlandse vennootschap is gehoord. De beschikking tot machtiging wordt daarom vernietigd. De voorlopige voorziening tot benoeming van een bestuurder wordt eveneens vernietigd en terugverwezen voor verdere behandeling.
De uitspraak verduidelijkt de reikwijdte van het begrip certificaathouder in het enquêterecht, de ontvankelijkheid van verzoekers en de grenzen aan de bevoegdheid van de ondernemingskamer bij voorlopige voorzieningen en machtigingen in internationale context.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de machtiging tot onderzoek bij SNF S.A. en de benoeming van een bestuurder als voorlopige voorziening en verwijst de zaak terug.