ECLI:NL:PHR:2003:AH8732
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Erkenning van in het buitenland uitgesproken echtscheidingsvonnis tussen Nederlanders zonder conflictenrechtelijke toets
Partijen, beiden met de Nederlandse nationaliteit, zijn in 1976 te Aruba gehuwd. De vrouw verzocht in 1998 in Florida om echtscheiding, welke werd uitgesproken op grond van duurzame ontwrichting van het huwelijk. De man voerde in Aruba verweer tegen erkenning van het vonnis, omdat deze grond niet bestond in het Arubaanse recht. Het Gerecht van Eerste Aanleg erkende de vonnissen, maar het Gemeenschappelijk Hof wees de erkenning af vanwege het ontbreken van de conflictenrechtelijke toets, die vereist zou zijn volgens Arubaans recht.
De vrouw kwam in cassatie bij de Hoge Raad, die oordeelde dat de conflictenrechtelijke toets bij erkenning van buitenlandse echtscheidingsvonnissen tussen Nederlanders niet langer geldt. Dit volgt uit de ontwikkelingen in het Arubaans en Nederlands-Antilliaans recht en internationale verdragen, waaronder het Verdrag van 1970. De Hoge Raad vernietigde de beslissingen van het Gemeenschappelijk Hof en verwees de zaak terug voor verdere behandeling.
De uitspraak benadrukt dat erkenning van buitenlandse echtscheidingen voortaan alleen aan de algemene voorwaarden van rechtsmacht, behoorlijke rechtspleging en openbare orde moet voldoen, zonder inhoudelijke toets van de toegepaste echtscheidingsgrond. Dit voorkomt conflicten en 'hinkende huwelijken' en sluit aan bij internationale rechtsontwikkelingen.
Uitkomst: De Hoge Raad oordeelt dat de conflictenrechtelijke toets niet langer geldt bij erkenning van buitenlandse echtscheidingsvonnissen tussen Nederlanders en verwijst de zaak terug.