ECLI:NL:PHR:2003:AM2308
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid makelaar voor onvolledige voorlichting over mestquotum schapen
In deze zaak vordert eiser vergoeding van schade wegens vermeende wanprestatie door de makelaar erflater, die bij de verkoop van agrarisch onroerend goed niet zou hebben geadviseerd over de gevolgen van de meststoffenwetgeving voor schapenmestquota.
Eiser verkocht per 11 november 1991 zijn meststierenschuur en grasland met mestquotum voor rundvee en kalkoenen, terwijl hij ook schapen hield. Kort daarna werd een mestquotum voor schapen ingevoerd dat eveneens moest worden overgedragen bij verkoop. Eiser stelt dat hij bij correcte voorlichting door de makelaar niet tot verkoop zou zijn overgegaan of een andere prijs had bedongen.
De rechtbank wees de vorderingen af omdat eiser niet slaagde in bewijs dat erflater bekend was met de mestquotumregeling voor schapen. Het hof bevestigde dit oordeel, maar beperkte zich volgens de Hoge Raad te eenzijdig tot bewijsvoering over algemene bekendheid in de branche, zonder te beoordelen of erflater zelf op de hoogte was of had moeten zijn van de regeling.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het beroep op art. 2 lid 1 Verplaatsingsbesluit Pro Meststoffenwet, dat de overdracht van mestquota regelt, zonder belang zou zijn. De zaak wordt vernietigd en verwezen voor verdere behandeling, waarbij de vraag centraal staat of erflater als deskundige makelaar de gevolgen van de meststoffenwetgeving voor schapen had moeten onderkennen en hierover had moeten adviseren.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling.