ECLI:NL:PHR:2004:AN7828
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid Staat voor onvolledige informatie bij strafvervolging in Sri Lanka
De zaak betreft een eiser die in Sri Lanka werd veroordeeld tot een doodstraf wegens drugsbezit, mede gebaseerd op onvolledige informatie die de Nederlandse Staat via Interpol aan Sri Lanka verstrekte. De eiser vorderde schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen van de Staat door het verstrekken van foutieve informatie, die volgens hem leidde tot zijn veroordeling en de daaropvolgende psychische schade.
De rechtbank wees de vordering af, wat het hof bevestigde. Het hof erkende dat het verstrekken van onvolledige informatie onzorgvuldig was, maar vond het causale verband tussen deze informatie en de veroordeling niet aannemelijk. De motivering van de bewezenverklaring in Sri Lanka baseerde zich op andere feiten en omstandigheden zonder verwijzing naar de fax.
De Hoge Raad bevestigt dat het oordeel van het hof feitelijk is en niet in cassatie kan worden getoetst. Ook het bewijsaanbod van de eiser werd als te vaag afgewezen. De stelling dat de Staat psychisch letsel heeft veroorzaakt door het verstrekken van onvolledige informatie werd verworpen omdat de veronderstelling dat de Staat aan de veroordeling heeft willen bijdragen ongegrond is. De cassatie wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de Staat niet aansprakelijk is voor de schade van eiser.