ECLI:NL:PHR:2004:AN9309
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt vrijspraak bedreiging met melkpoeder in Anthrax-context
In deze zaak stond de vraag centraal of het versturen van een envelop met melkpoeder en een geprint e-mailbericht over Anthrax, bedoeld als 'grap', kwalificeert als bedreiging in de zin van artikel 285 Sr Pro. De verdachte had de envelop onfrankeerd geadresseerd aan het bedrijf waar het slachtoffer werkte en wilde met de grap een schrikreactie veroorzaken.
Het hof sprak verdachte vrij omdat het oordeelde dat niet bewezen was dat de bedreiging zodanig was dat een redelijk denkend mens in de positie van het slachtoffer vrees zou kunnen krijgen voor een ernstige inbreuk op zijn persoonlijke vrijheid. Het hof vond dat het handelen van verdachte meer op een misplaatste grap leek en dat het slachtoffer zelf niet zeker was van de ernst.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad betoogde dat het hof ten onrechte een te strenge eis stelde aan het bewijs van bedreiging. Volgens de Hoge Raad is het voldoende dat de bedreiging in het algemeen geschikt is om vrees op te wekken, ongeacht of het slachtoffer zelf die vrees daadwerkelijk voelde. Gezien de maatschappelijke onrust rond Anthrax in die periode was het oordeel van het hof niet begrijpelijk.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en verwijst de zaak naar een ander gerechtshof voor hernieuwde behandeling. Hiermee wordt benadrukt dat ook mislukte 'practical jokes' onder de reikwijdte van artikel 285 Sr Pro kunnen vallen als zij objectief geschikt zijn om vrees te veroorzaken.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de vrijspraak en verwijst de zaak voor hernieuwde beoordeling.