ECLI:NL:PHR:2004:AO4051
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens schending procesvoorschriften bij straftoemeting en verwijzing
De Hoge Raad behandelt een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch waarin verdachte is veroordeeld voor bedreiging en handelen in strijd met de Wet wapens en munitie. Het hof had bij de straftoemeting betekenis toegekend aan een brief van de verdachte aan de officier van justitie, zonder dat deze brief ter terechtzitting was voorgelezen of de inhoud daarvan was medegedeeld.
De Hoge Raad oordeelt dat dit in strijd is met art. 301, vijfde lid, Sv, dat voorschrijft dat stukken die van invloed zijn op de strafoplegging alleen mogen worden betrokken indien zij ter terechtzitting zijn voorgelezen of de korte inhoud is medegedeeld. Omdat het hof deze procedurevoorschriften heeft veronachtzaamd, wordt het arrest vernietigd voor zover het de straftoemeting betreft.
Verder wordt geoordeeld dat het ontbreken van de brief in de aan de raadsman verstrekte stukken geen schending van art. 34 en Pro 51 Sv oplevert, omdat de verdachte zelf op de hoogte was van de brief en het zijn verantwoordelijkheid was de raadsman hiervan in kennis te stellen.
Ten slotte oordeelt de Hoge Raad dat het oordeel van het hof over overschrijding van de redelijke termijn niet onbegrijpelijk is en geen aanleiding geeft tot strafvermindering. De zaak wordt verwezen naar een ander gerechtshof voor nieuwe berechting en afdoening van de strafoplegging.
Uitkomst: Arrest hof vernietigd voor straftoemeting en zaak verwezen voor nieuwe berechting.